Maandelijkse archieven: april 2018

Prostituee: achttien of toch 21 jaar

De Alkmaarse rechtbank beslist binnen zes weken of de minimumleeftijd voor prostituees in Alkmaar 21 jaar blijft. Kamerverhuurder van de Achterdam Frans Snel wil dat de grens weer op achttien jaar wordt gesteld.
Snel – zelf wegens ziekenhuisopname afwezig – en zijn advocate Kim Hollenberg hebben de gemeente Alkmaar voor de rechter gesleept. Gisteren had het driekoppige rechtscollege veel, vooral juridische vragen aan beide partijen, die lijnrecht tegenover elkaar staan.
Volgens Hollenberg is er geen wettelijke basis om de leeftijdsgrens van 21 jaar in de algemene plaatselijke verordening op te nemen en de vergunning voor Snel en zijn collega’s aan de voorwaarde te koppelen dat ze geen ramen mogen verhuren aan achttien- tot en met 20-jarigen. Deze aanpassing van de APV en de vergunning loopt vooruit op de wet regulering prostitutie en bestrijding misstanden seksbranche, waarin de 21-jaarsgrens is vastgelegd.
De vraag is of die wet er ooit komt. De landelijke politiek discussieert al jaren over de invoering. “Zolang die wrp niet in werking is getreden (als dat al gebeurt), is er geen wettelijke grondslag om de leeftijdsgrens te verhogen. Daarenboven valt het buiten de bevoegdheid van de gemeenteraad om een leeftijdsgrens te stellen”, aldus Hollenberg.

Grondwet

Maar alleen al vanwege het feit dat de Alkmaarse APV in strijd is met de grondwet, waar het gaat om leeftijdsdiscriminatie en vrije beroepskeuze, moet de voorwaarde uit de vergunningen worden geschrapt en de APV=aanpassing worden teruggedraaid.
De raadsvrouwen van de kant van de gemeente betoogden dat vrouwen onder 21 jaar moeten worden beschermd tegen misstanden en uitwassen van de prostitutie, zoals mensenhandel. Snel en Hollenberg zeggen daarentegen: “Doordat achttien-, negentien- en 20-jarigen het onmogelijk wordt gemaakt hun geld te verdienen in de (legale) prostitutie, worden ze de illegaliteit ingedreven. Met alle mogelijke risico’s van dien, gezondheidsrisico’s voorop.”
In tegenstelling tot de gemeente staat Hollenberg het standpunt dat het besluit om de APV aan te passen, onzorgvuldig is geweest. “De gemeenteraad was op 23 juni0-2016 bijeen en werd gevraagd een oordeel te geven over ‘geharmoniseerde algemene plaatselijke verordening’. Specifiek agendapunt 22: leeftijdsgrens naar 21 jaar. Geen van de partijen of raadsleden heeft tijdens deze vergadering ook maar een vraag heeft gesteld over het waarom van dit voorstel. Sterker, het was een hamerstuk.”

Rechter, officier en parkeerwachter staan voor schut

Alkmaarder wint in hoger beroep over ‘binnen vijf meter van kruispunt’

Een parkeerwachter, een officier van justitie en een kantonrechter staan voor schut. Het gerechtshof in Leeuwarden stelde Alkmaarder Frans Snel in het gelijk na een slepende procedure over een op het oog simpele verkeersovertreding.
Op 12 april 2016 constateert verbalisant Ramy A. dat met Snels Mercedes-Benz met het kenteken 91-LR-RP een verkeersovertreding is begaan op de Vijverlaan in Bergen. En wel ‘met een stilstaand voertuig niet de rijbaan gebruiken’; feitcode R315B. De bekeuring is 90 euro.
Snel gaat hiertegen in beroep bij de officier van justitie. De beslissing van de OvJ volgt een half jaar later. Snel wordt in het ongelijk gesteld. Hij heeft volgens de OvJ wel degelijk de overtreding ‘parkeren bij een kruispunt binnen 5 meter daarvan’; feitcode R397A.
Een geheel andere overtreding, maar de OvJ strijkt de plooien recht in zijn brief van 28 november 2016. Daarin stelt de officier dat, na aanpassing van de beschikking in verband met de fout van de verbalisant, de beschikking terecht en op juiste gronden is gegeven. 90 euro betalen, Snel.
De kantonrechter in Alkmaar volgt in mei 2017 dat standpunt klakkeloos. Hij luistert niet naar Snel en zijn communicatieadviseur Arno Ruitenbeek, die het verweer schrijft dat hij later in uitgebreide vorm ook bij het hof zal voorlezen, dat Snel ruim buiten de vijf meter van de hoek heeft geparkeerd. Want de afstand dient te worden gemeten vanaf het denkbeeldige snijpunt van de stoepranden van de kruisende wegen.

Reconstructie

Omdat hij vindt dat hij gelijk heeft en de kantonrechter ongelijk, gaat Snel in hoger beroep. Dat dient op 21 maart. Om beslagen ten ijs te komen, reconstrueren Snel en Ruitenbeek de periode van ruim zes maanden die ligt tussen de eerste en de tweede beschikking. Ze stuiten op het aanvullende proces-verbaal van de verbalisant, gemaakt op 28 oktober 2016, met drie bijlages.
Dat zijn drie foto’s, helaas van inferieure kwaliteit, van Snels Mercedes, staand op de Vijverlaan en genomen op de dag van de overtreding. Let wel, van de overtreding met code R315B. Want vanaf het punt waar deze opnames zijn gemaakt, is met de beste wil van de wereld niet te zien dat de auto binnen vijf meter van het kruispunt staat. De verbalisant wilde laten zien dat de Mercedes ‘een weghelft blokkeert’ aldus het proces-verbaal.
Foto’s van de overtreding ‘binnen vijf meter’ zijn er ook niet. Dat valt te lezen in de uitdraai van het digitaal loket van het ministerie van veiligheid en justitie van 10 december 2016. Dat de OvJ er toch 100 procent zeker van is dat Snel binnen vijf meter van het kruispunt staat, heeft Snel mogelijk zichzelf te verwijten. Hij liet, enige tijd nadat hij beroep is gegaan bij de kantonrechter met een drone foto’s van onder meer zijn wagen, geplaatst op de overtredingsplek, en op een ervan een meetlint om aan te geven dat hij ruim buiten de vijf meter heeft geparkeerd destijds.
“Onze voorzichtige conclusie is dat hier sprake is van een opzetje van de OvJ en de verbalisant. De laatste stelt zijn aanvankelijke verklaring bij, zodat de OvJ met de foto’s van Snel als ‘bewijs’ het beroep kan afwijzen. Lek gedicht, Snel de pineut”, aldus Ruitenbeek tijdens de zitting in de Friese hoofdstad, drie weken geleden.

Duidelijkheid

Over de overtreding valt inhoudelijk feitelijk weinig te vertellen. Met dank aan de advocaat-generaal, die in zijn schriftelijke visie op de kwestie uitdrukkelijk aan het hof vraagt een uitspraak te doen die duidelijkheid schetst over de definitie van ‘kruispunt’, en ‘het punt waar vandaan de vijf meter moet worden gemeten’.
Het is, toegegeven, een wazige tekst in de verkeerswet RVV 1990, artikel 24. Daar in staat dat de bestuurder zijn voertuig niet mag parkeren. bij een kruispunt op een afstand van minder dan vijf meter daarvan. De toelichting van het RVV 1990 vermeldt daarbij: RVV artikel 24 vervangt artikel 83 van de oude wet, RVV 1966.
“Vervangen, dat is iets heel anders dan dat de formulering al meer dan 25 jaar is afgeschaft zoals de AG zegt. Hij verzoekt uw hof niet voor niets om een uitspraak”, bepleit Ruitenbeek tijdens de zitting half maart. “Om beter te zien hoe we geacht worden die vijf-metergrens te zien, moeten we er dus het oude RVV 1966 nog even bij pakken. Artikel 83: parkeren is verboden bij kruisingen of splitsingen van wegen op een afstand van minder dan vijf meter van de rand van de rijbaan van de zijweg of van het verlengde daarvan

Rand

Hieruit volgt zonder meer dat er vanaf de rand van de rijbaan van de zijweg gemeten moet worden, en niet vanaf het einde van de afronding van de hoeken. “Mocht u nog twijfelen, dan wijs ik u graag op twee kruispunten in Alkmaar, waarvan ik foto’s heb genomen. Het gaat hier om de Herculesstraat en de Hertog Aalbrechtweg. Hier liggen de onderbroken strepen en de haaientanden in het verlengde van de rand en in het geval van de Herculesstraat zelfs zes klinkerbreedtes daarbuiten”, aldus Ruitenbeek als gemachtigde van Snel.

“In dit verband wil de heer Snel opmerken dat bij hem het ongemakkelijke gevoel is opgekomen over de beslissing van de kantonrechter in Alkmaar op 19 mei 2017. Als u wordt gevraagd om duidelijkheid over wat een kruispunt is en vanaf welk punt de vijf meter moet worden berekend, dan was het toch voor die rechter ook niet duidelijk? Dan had hij Snel toch moeten vrijspreken?”

Het hof is het daar volkomen mee eens. Deze rechter heeft zijn huiswerk wel goed gedaan en komt met een arrest van 20 mei 1997 van de Hoge Raad over het begrip kruispunt in artikel 23 van het RVV 1990: “Indien hij (de kantonrechter, red.) heeft geoordeeld dat ingeval van een kruising of splitsing van wegen de afrondingen van de hoeken steeds tot het kruisingsvlak, te weten het weggedeelte dat aan die wegen gemeenschappelijk is, moeten worden gerekend, heeft hij miskend dat die opvatting in zijn algemeenheid niet als juist kan worden aanvaard. De vraag of een weggedeelte tot het kruisingsvlak behoort dient aan de hand van de strekking van art. 23 RVV 1990 te worden beantwoord en kan verschillen al naar gelang de ligging van de desbetreffende kruising of splitsing van wegen.”

De AG geeft ruiterlijk toe dat hij nog nooit van dit arrest heeft gehoord. De kantonrechter in Alkmaar was er blijkbaar ook niet van op de hoogte, laat staat de officier en om over de parkeerwachter maar niet te spreken. Zij zullen dan ook moeten slikken als ze de uitspraak lezen. “De gestelde gedraging is niet verricht, Snel heeft geen overtreding begaan. Het hof zal de beslissing van de kantonrechter daarom vernietigen en doen wat de kantonrechter had behoren te doen, te weten – met gegrondverklaring van het beroep daartegen – de beslissing van de officier van justitie en de inleidende beschikking vernietigen.”

Snel: “Au, dat doen pijn bij de kantonrechter, de officier en ook die parkeerwachter. Maar ik wist dat ik in mijn gelijk stond.”

Meineed

Snel krijgt de 90 euro terug, plus 250 euro in de tegemoetkoming van zijn kosten (voor onder meer de drone). “Ik heb natuurlijk veel meer betaald, maar dat maakt me niet uit. Dit was een principezaak en die heb ik gewonnen.” Een van de verliezers, parkeerwachter A., is echter nog niet klaar met Snel. “Ik bekijk met mijn advocaat of ik hem aanklaag wegens meineed.”

Dat zit zo. A. legt Snel dingen in de mond. Zo zou hij, enige tijd na de eerste bekeuring, tegen de parkeerwachter hebben dat hij zijn wagen expres zo heeft neergezet ‘om de politie te pesten’. In het latere aanvullende proces-verbaal heet het plotseling dat Snel dit deed om hufterig te doen. “De woorden politie en pesten komen nergens terug.”

“Het is mijn nee, tegen zijn ja”, aldus Snel, die volhoudt nooit zulke uitlatingen te hebben gedaan. “Bovendien spreekt hij zichzelf tegen. Hij gaf me de bekeuring voor ‘met een stilstaand voertuig niet de rijbaan gebruiken’, maar schrijft dat ik de uitlatingen zou hebben gedaan in verband met ‘parkeren binnen vijf meter van de kruising’. Als we elkaar al hadden gesproken, zou het toch niet over dat laatste gaan.”

“En daarmee komen we op de valsheid in geschrifte, gedaan op ambtseed en dat is volgens mij meineed. Want A. levert bij de originele bekeuring foto’s aan, die zijn gemaakt om aan te tonen dat ik buiten het parkeervak sta. Het kruispunt en de afstand ertoe komen niet in beeld. Dus liegt hij ronduit als hij, gedekt door de officier van justitie, later zegt dat hij dit wel bedoeld had, maar slechts de verkeerde feitcode heeft ingevuld.” Overigens heeft Snel een parkeervergunning en is hij daarom tegen de eerste, ‘verkeerde’ overtreding, in bezwaar gegaan bij de officier. Met het bovenbeschreven gevolg.

“Ik wil niet dat een parkeerwachter een loopje met de waarheid neemt en er mee weg komt. Daarom denk ik er sterk over om aangifte tegen hem te doen.”

Alkmaarse raad moet fout goedmaken

Achterdam-kamerverhuurder vraagt politici onwettig besluit terug te draaien

Frans Snel, kamerverhuurder op de Achterdam in Alkmaar, heeft in een brief aan alle gemeenteraadsleden hen op een kolossale fout gewezen. Hij verwacht dat de dames en heren politici, nu er na de gemeenteraadsverkiezingen een – hopelijk – frisse wind door het stadhuis waait, het besluit tot invoering van een minimumleeftijd van 21 jaar voor prostituees, direct wordt teruggedraaid. De negatieve consequenties zijn zeer groot, aldus Snel.

‘Ze hebben een avondje niet goed opgelet en nu zitten we met de gebakken peren. Door prostituees van achttien tot en met 20 jaar het werk onmogelijk te maken, worden ze de illegaliteit in gedreven.’

Lees hier de brief:

Geachte dames heren,
Ik hoop dat de verkiezingen u hebben gebracht waar u stiekem op rekende. Alvorens u gaat formeren, vraag ik u om een fout goed te maken.
Bijgaand treft u een uitnodiging aan mijn advocate en mij van de rechtbank aan. U vraagt zich wellicht af wat u daar mee te maken hebt.
Nu, het antwoord is eenvoudig. Als u uw werk had gedaan en op 23 juni 2016 tijdens de raadsvergadering wèl had opgelet, had ik wellicht niet (weer) een gerechtelijke procedure moeten beginnen tegen de gemeente Alkmaar.
Ik zal uw herinnering even opfrissen. De gemeenteraad was op 23-6-16 bijeen en u werd gevraagd een oordeel te geven over ‘geharmoniseerde algemene plaatselijke verordening’. Specifiek agendapunt 22: leeftijdsgrens naar 21 jaar. U kunt het zelf opzoeken: https://alkmaar.raadsinformatie.nl/vergadering/244008/Gemeenteraad%2023-06-2016?

Gebleken is dat geen van u tijdens deze vergadering ook maar een vraag heeft gesteld over het waarom van dit voorstel. Sterker, het was een hamerstuk. Nu kan ik me voorstellen dat u zo’n document van welgeteld 105 bladzijden niet tot in detail hebt doorgenomen.
Ik wil zelfs wel geloven dat u agendapunt 22 over het hoofd hebt gezien en zich niet hebt afgevraagd of hier bijvoorbeeld een wettelijke basis voor is. Die is er niet. Zolang de wet regulering prostitutie en bestrijding misstanden seksbranche (wrp) niet in werking is getreden (als dat al gebeurt), is er geen wettelijke grondslag om de leeftijdsgrens te verhogen. Daarenboven valt het buiten de bevoegdheid van de gemeenteraad om een leeftijdsgrens te stellen (ex artikel 149 jo 151a gemeentewet).

De Alkmaarse APV is zelfs in strijd met de grondwet, specifiek leidt die tot leeftijdsdiscriminatie en ontzegt het achttien-, negentien- en 20-jarigen de vrije beroepskeuze.
Toch hebben Alkmaar en slechts 36 andere gemeenten besloten hun APV zonder wettelijke basis aan te passen. In de exploitatievergunning van mij en mijn collega’s is die leeftijdsverhoging ook als bindende voorwaarde opgenomen. Meer dan 300 gemeenten deden dat niet. Daaronder Haarlem.
Consequentie is dat nu in de APV en op mijn vergunning de 21-jaarsgrens staat vermeld. Door een moment van onbedachtzaamheid bij de raadsleden derf ik dus inkomsten.

Veel ernstiger is het maatschappelijke gevolg van dit, mede door u genomen besluit. Door het achttien-, negentien- en 20-jarigen onmogelijk te maken hun geld te verdienen in de (legale) prostitutie, drijft u hen de illegaliteit in. Ze gaan toch het werk doen waar ze voor hebben gekozen, maar dan ‘onder de radar’. Met alle mogelijke risico’s van dien, gezondheidsrisico’s voorop. Dat moet u als volksvertegenwoordiger niet willen.
De veelgehoorde, maar gezochte reden om de leeftijdgrens te verhogen, luidt dat daarmee mensenhandel kan worden tegengegaan. Nog afgezien van de vraag of de gepresenteerde cijfers over uitbuiting correct zijn, is dit een drogreden. Want, en dan citeer ik ombudsvrouw voor sekswerkers Metje Blaak: “Een crimineel of een loverboy gaat echt niet wachten tot ze 21 is, die zet haar gewoon ergens illegaal, zodat niemand erbij kan.”
Ik stel mij dan ook op het standpunt van iemand die de achttienjarige leeftijd heeft bereikt en daarmee volgens de Nederlandse wet volwassen is, zelf mag en kan beslissen of hij of zij de prostitutiebranche ingaat.

Ik heb intussen uit diverse gesprekken met politici begrepen dat zij nooit met de verhoging van de leeftijd hadden ingestemd, als zij hadden gelezen of begrepen wat er van hen werd gevraagd bij agendapunt 22.

U hoeft alleen maar te doen wat gemeenteraden in 300 andere Nederlandse gemeenten deden en dit ontijdige en onwettige besluit terug te draaien.
Ik wens u veel wijsheid toe.
Groet,

Frans Snel

Zijluiken altaarstuk even terug in Alkmaar

Van Heemskercks meesterwerk terug in Alkmaar.

De zijluiken van het Laurentius-altaarstuk komen voor een keer terug naar Alkmaar. Vanaf 20 april zijn de panelen te zien in de Grote of Sint-Laurenskerk, die 500 jaar bestaat.

Maarten van Heemskerck, een van de belangrijkste renaissancekunstenaars van de Nederlanden, maakte tussen 1538 en 1543 een immens kunstwerk voor de Grote of Sint-Laurenskerk. Dit Laurentius-altaarstuk is het grootste beschilderde altaarstuk ooit in de Nederlanden gemaakt.

Na de reformatie verloor het echter zijn functie. In 1581 werd het dan ook verkocht. Via een tussenpersoon kwam het in handen van de koning van Zweden, die het in de kathedraal van Linköping plaatste. Daar staat het nog steeds.

De zijluiken komen nu, in het kader van 500 jaar Grote Kerk, tot en met 7 oktober terug naar de plek waar het ooit voor bedoeld was. Dinsdag 10 april worden ze klaargemaakt voor hun tocht. Dit is precisiewerk: de luiken meten twee bij zes meter, zijn in de loop der eeuwen gekrompen en kromgetrokken, en moeten met grote voorzichtigheid uit hun scharnieren worden gelicht. Het wordt dan ook uitgevoerd onder het toeziend oog van diverse experts. Het transport is een aantal dagen onderweg en komt op vrijdag 13 april in Alkmaar aan.

Tentoonstelling

In de periode dat de luiken in Alkmaar getoond worden, zal in het Stedelijk Museum Alkmaar een presentatie te zien zijn over de achtergronden en avonturen van het altaarstuk. In de tentoonstelling zijn te zien de contracten tussen schilder en opdrachtgevers, portretten van de dochter en schoonzoon van een van de opdrachtgevers door dezelfde schilder, en een zeer bijzonder bruikleen uit New York: het originele getekende ontwerp voor een van de luiken. Ook is er een film over de thuiskomst van de luiken. Van de voorbereidingen voor transport en verpakking tot de installatie op de originele plek in de Grote Kerk in Alkmaar.

Alkmaar vier in 2018 het 500-jarig bestaan van de Grote of Sint-Laurenskerk, de grootste kerk van Noord-Holland boven het Noordzeekanaal. De Grote Kerk huisvest meesterwerken zoals de beroemde gewelfschildering ‘Het Laatste Oordeel’ van Van Oostsanen, schilderingen van Caesar van Everdingen en het bijzondere Van Hagerbeer/Schnitgerorgel.

Zaagpauze voor broedseizoen Waarderhout

Het werk in de Waarderhout in Heerhugowaard zit er voorlopig op. De laatste stapels gezaagd hout worden later dit jaar weggereden. Nu is er een pauze in verband met het broedseizoen.

Door het slechte, natte weer van afgelopen najaar en winter heeft het zaagwerk vertraging opgelopen. Inmiddels  is ’t wel afgerond, maar er liggen nog wat stapels hout die moeten worden opgeruimd. Dit gebeurt in de zomer, als Staatsbosbeheer ook de waterhuishouding verbetert. Oude waterlopen worden opgeknapt en verbonden door middel van nieuwe sloten. Samen zullen ze een nieuw onafhankelijk waterstelsel vormen. Hiermee wordt de waterkwaliteit van de Waarderhout verbeterd.

De paden die nu slecht begaanbaar zijn, worden daarna pas definitief opgeknapt. Tot die tijd worden de paden waar mogelijk geëgaliseerd, maar de grond bestaat uit natte klei en droogt daardoor langzaam op. Hierdoor blijven de paden voorlopig moeilijk begaanbaar voor recreanten met kinderwagens, rolstoelen en scootmobielen.

Samen met de participatieraad van de Waarderhout maakt Staatsbosbeheer plannen om de Waarderhout recreatief aantrekkelijker te maken. Zo komen er in de toekomst meer bankjes en komt er een waterspeelpomp in het speelbos.

Grootschalige handel in valse merkkleding

De fiscale inlichtingen- en opsporingsdienst heeft vier mannen opgepakt die zich vermoedelijk op grote schaal bezighielden met de import en handel in vervalste merkkleding.
Het gaat om de importeur, iemand die de kleding voorzag van labels en logo’s en een handelaar en zijn compagnon.
De Fiod deed doorzoekingen in woningen en bedrijfspanden in Almere, Amsterdam en Rijsenhout. Hierbij is beslag gelegd op kleding, ongeveer 20.000 euro contant geld en apparatuur om kleding en schoenen te voorzien van merknamen. Ook is beslag gelegd op administratie.
Het kwartet handelde in kleding in het duurdere segment. Het onderzoek begon nadat bij de Fiod informatie was binnengekomen en door een rapport van een recherchebureau.
Merken zijn beschermd in Nederland. Het is verboden merkartikelen na te maken en het is niet toegestaan om in valse merkartikelen te handelen. Inbreuken op intellectuele eigendomsrechten zijn uitgegroeid tot een fenomeen met internationale dimensies.
Dit heeft niet alleen ernstige economische gevolgen, het brengt ook de consumentenbescherming in het gedrang. Ook is aangetoond dat geld dat verdiend wordt met de handel in namaak wordt gebruikt voor de financiering van misdaad en criminele organisaties.