Thijssen kan zich meten met de spionagegrootheden

Door Arno Ruitenbeek

“Ik houd van spionage. Eric Ambler, Len Deighton, Tomas Ross.” Met zijn nieuwste boek Het Birma bedrog (uitgeverij Marmer, € 19,99) toont auteur Roel Thijssen opnieuw aan dat hij zich kan meten met de grootheden uit het genre.

Roel Thijssen: spioange, feiten en fictie. Foto Hedewych Veys.

Een on-Nederlands goed spionageverhaal, noemde ik Thijssens, in 2015 verschenen thriller Vorstelijk verraad. Hetzelfde geldt onverkort voor nummer zes in zijn populaire reeks rond CIA-agent Graham Marquand, Het Birma bedrog, die vanaf 15 juni in de boekhandel ligt.

Feiten en fictie zijn vermengd tot zeer geloofwaardige faction. “Ik ben zelf veel geweest in Indochina, er nog meer over gelezen en onderzoek gedaan. Ik wil ervoor zorgen dat de lezer het gevoel krijgt dat hij zelf op reis is in Bangkok, Laos of Birma. Dat hij of zij ooggetuige wordt van gebeurtenissen en personen, de soms onheilspellende sfeer bijkans kan proeven.”

Oorlogsbuit

Net als de vorige vijf delen speelt dit boek zich af in Indochina. Kort voor het einde van de Tweede Wereldoorlog proberen de Japanners hun kapitale oorlogsbuit – in de door hen bezette landen gestolen kunst, zilver, goud en juwelen – via het officieel neutrale, maar Japan goedgezinde Thailand in veiligheid te brengen.

“Dat is ze deels gelukt”, aldus de schrijver. “Amerikaanse agenten van CIA-voorganger OSS, die voorloper van de CIA, waren eind jaren veertig blijven hangen in Thailand. Ze vestigen zich bijvoorbeeld als planter en beginnen handeltjes, de een schimmiger dan de andere, maar allemaal met het doel om rijk te worden. De geldkraan gaat  vol open als zij een van die Japanse konvooien onderscheppen.”

Een kleine 25 jaar later krijgt Thijssens held Graham Marquand van de Thaise autoriteiten het verzoek na te gaan of er een verband is tussen de destijds geroofde schatten en een afpersingszaak.  “Waarbij je moet bedenken dat iedereen, of het nu de Japanners of de Amerikanen waren, bij hoog en bij laag ontkenden dat die oorlogsbuit er ooit is geweest.”

“Het is aannemelijk om te denken dat de Amerikanen een deel hebben gebruikt om de CIA-operaties te financieren. De geheime dienst beschikte over een enorm budget, dat staat vast, de herkomst echter niet. Daarnaast heeft de VS hoogstwaarschijnlijk Japan veel gestolen goed laten houden, als soort aanbetaling omdat de Japanners meestreden tegen de communisten.”

Thompson

Naast de verzonnen Marquand vervult de ‘levensechte’ Jim Thompson een hoofdrol. “Deze in Thailand neergestreken OSS-agent was, in tegenstelling tot zijn maten in Het Birma bedrog, geen ritselaar. Volgens zijn biografie The ideal man was hij een rechtschapen, eerlijk mens. Een onkreukbare zakenman (in zijde) die geen cent voor zichzelf hield en alles netjes opstuurde naar Washington. Dat heeft hem de kop gekost: in 1967 is hij spoorloos verdwenen. Het is de beroemdste moordzaak van Azië, en nog steeds onopgelost. Geen lijk, geen spoor.”

Gaan zijn romans over geheimen, over zichzelf is Thijssen een open boek. Hij werd in 1962 geboren als Jeroen Kuypers, is historicus met de Tweede Wereldoorlog als specialisme, geïnteresseerd in boeddhisme en woont al de helft van zijn leven in België. Hij verdient de kost als zelfstandig journalist en recensent voor Belgische en Nederlandse bladen. “Daarom ook dat pseudoniem. Als potentiële opdrachtgevers Kuypers googelen, moet in een oogopslag duidelijk zijn dat de verslaggever zich aan de feiten houdt. De boekenschrijver Thijssen is een afgesplitste persoonlijkheid.”