Brief aan bewindsvrouw over oedeemtherapie

Weg met die maatregel

Mijn echtgenote Anette Ruitenbeek-Welberg heeft onderstaande brief aan minister van volksgezondheid Schippers geschreven. Met een kopie van het inmiddels dikke dossier over deze zaak, waarover we eerder berichtten. Pia Dijkstra, gezondheidswoordvoerder van D66 in de Tweede Kamer, heeft een afschrift van de brief en de documenten ontvangen. Kijken wat er gebeurt.

Dit is de brief:

 

Onderwerp: oedeemtherapie

                                                                                                        Oudorp, 16 december 2013

 

Geachte mevrouw Schippers,

                                                     Ik hoop dat u op korte termijn  ervoor kunt zorgen dat onderstaande draconische maatregel verdwijnt, of in elk geval ten gunste van mensen met kanker wordt aangepast.

Want ik kan mij niet voorstellen dat ‘de overheid’ heeft bedoeld mensen met een levensbedreigende ziekte financieel zo hard te raken. Misbruik moet natuurlijk worden bestraft, maar patiënten zoals ik mogen niet, nooit de dupe daarvan worden.

Het gaat om het volgende:

Nadat bij mij borstkanker was geconstateerd, ben ik onder het mes gegaan. Na de borstamputatie was huid- of oedeemtherapie noodzakelijk, om te voorkomen dat er oedeem zou ontstaan. Inmiddels heb ik zeventien behandelingen à 70 euro ondergaan. In totaal 1190 euro. Kosten die niet worden vergoed volgens de voorwaarden van de basisziektekostenverzekering. 

Omdat, en ik citeer CZ in zijn brief van 25 oktober 2013: ‘De overheid heeft in 2004 onder de voormalige ziekenfondswet bepaald dat de eerste negen behandelingen oedeemtherapie voor eigen rekening blijven. De overheid heeft hiertoe besloten, omdat gebleken is dat veel verzekerden langdurige fysiotherapie (cursivering door mij, AR) ondergingen, terwijl dit niet nodig bleek. Het besluit is bedoeld als ontmoedigingsbeleid (idem). Met de jaren heeft de overheid besloten om het aantal behandelingen dat voor eigen rekening blijft op te hogen. In 2013 bedraagt het aantal behandelingen dat voor eigen rekening blijft 20’.

CZ en in laatste instantie de SKGZ (ombudsman en geschillencommissie zorgverzekeringen) hebben mijn bezwaren afgewezen tegen dit, in mijn ogen onnodig harde beslui dat zijn doel volkomen voorbij schiet. Beide instanties verwijzen dan ook nog even naar de aanvullende verzekering die ik had kunnen nemen. Vooral van CZ steekt dit: eind 2012 hebben we contact gehad met de maatschappij in Tilburg over onze (mijn echtgenoot en ik, AR) 50+-polis. Naar de mening van de CZ-medewerker hadden we deze aanvullende verzekering niet nodig als we bijvoorbeeld geen van beiden fysiotherapie nodig zouden hebben.

We hebben die aanvullende verzekering opgezegd.  In mei van dit jaar kwam de voor mij slechte uitslag: borstkanker. Vanaf dat moment kwam ik in de medische molen terecht en hoorde ik voor de eerste keer van mijn leven het woord oedeemtherapie. Niet gek lijkt mij, als ‘gezonde’ vrouw word je in dit land toch niet geacht het medisch, lees kankerwoordenboek  te kennen? Of te weten dat ‘gemakshalve’ oedeemtherapie wordt geschaard onder fysiotherapie, die je associeert met onwillige wervels, sportblessures en gebroken ledematen.

We hebben voor 2014 maar weer die 50+-verzekering erbij genomen. Te laat, zoals eerder gezegd. Ik ben 1190 euro achteruit en dat blijf ik onterecht, om niet te zeggen onmenselijk vinden. Hoewel de berichten over mijn kanker goed zijn en ik (hopelijk) binnenkort plastische chirurgie zal ondergaan, blijf daar door deze kwestie een schaduw over vallen. En dat is voor het geestelijke genezingsproces niet gunstig.

Bijgaand de correspondentie met CZ en SKGZ . In de hoop dat u iets voor de gedupeerden na  mij kunt betekenen.