Column

Rechter, officier en parkeerwachter staan voor schut

Alkmaarder wint in hoger beroep over ‘binnen vijf meter van kruispunt’

Een parkeerwachter, een officier van justitie en een kantonrechter staan voor schut. Het gerechtshof in Leeuwarden stelde Alkmaarder Frans Snel in het gelijk na een slepende procedure over een op het oog simpele verkeersovertreding.
Op 12 april 2016 constateert verbalisant Ramy A. dat met Snels Mercedes-Benz met het kenteken 91-LR-RP een verkeersovertreding is begaan op de Vijverlaan in Bergen. En wel ‘met een stilstaand voertuig niet de rijbaan gebruiken’; feitcode R315B. De bekeuring is 90 euro.
Snel gaat hiertegen in beroep bij de officier van justitie. De beslissing van de OvJ volgt een half jaar later. Snel wordt in het ongelijk gesteld. Hij heeft volgens de OvJ wel degelijk de overtreding ‘parkeren bij een kruispunt binnen 5 meter daarvan’; feitcode R397A.
Een geheel andere overtreding, maar de OvJ strijkt de plooien recht in zijn brief van 28 november 2016. Daarin stelt de officier dat, na aanpassing van de beschikking in verband met de fout van de verbalisant, de beschikking terecht en op juiste gronden is gegeven. 90 euro betalen, Snel.
De kantonrechter in Alkmaar volgt in mei 2017 dat standpunt klakkeloos. Hij luistert niet naar Snel en zijn communicatieadviseur Arno Ruitenbeek, die het verweer schrijft dat hij later in uitgebreide vorm ook bij het hof zal voorlezen, dat Snel ruim buiten de vijf meter van de hoek heeft geparkeerd. Want de afstand dient te worden gemeten vanaf het denkbeeldige snijpunt van de stoepranden van de kruisende wegen.

Reconstructie

Omdat hij vindt dat hij gelijk heeft en de kantonrechter ongelijk, gaat Snel in hoger beroep. Dat dient op 21 maart. Om beslagen ten ijs te komen, reconstrueren Snel en Ruitenbeek de periode van ruim zes maanden die ligt tussen de eerste en de tweede beschikking. Ze stuiten op het aanvullende proces-verbaal van de verbalisant, gemaakt op 28 oktober 2016, met drie bijlages.
Dat zijn drie foto’s, helaas van inferieure kwaliteit, van Snels Mercedes, staand op de Vijverlaan en genomen op de dag van de overtreding. Let wel, van de overtreding met code R315B. Want vanaf het punt waar deze opnames zijn gemaakt, is met de beste wil van de wereld niet te zien dat de auto binnen vijf meter van het kruispunt staat. De verbalisant wilde laten zien dat de Mercedes ‘een weghelft blokkeert’ aldus het proces-verbaal.
Foto’s van de overtreding ‘binnen vijf meter’ zijn er ook niet. Dat valt te lezen in de uitdraai van het digitaal loket van het ministerie van veiligheid en justitie van 10 december 2016. Dat de OvJ er toch 100 procent zeker van is dat Snel binnen vijf meter van het kruispunt staat, heeft Snel mogelijk zichzelf te verwijten. Hij liet, enige tijd nadat hij beroep is gegaan bij de kantonrechter met een drone foto’s van onder meer zijn wagen, geplaatst op de overtredingsplek, en op een ervan een meetlint om aan te geven dat hij ruim buiten de vijf meter heeft geparkeerd destijds.
“Onze voorzichtige conclusie is dat hier sprake is van een opzetje van de OvJ en de verbalisant. De laatste stelt zijn aanvankelijke verklaring bij, zodat de OvJ met de foto’s van Snel als ‘bewijs’ het beroep kan afwijzen. Lek gedicht, Snel de pineut”, aldus Ruitenbeek tijdens de zitting in de Friese hoofdstad, drie weken geleden.

Duidelijkheid

Over de overtreding valt inhoudelijk feitelijk weinig te vertellen. Met dank aan de advocaat-generaal, die in zijn schriftelijke visie op de kwestie uitdrukkelijk aan het hof vraagt een uitspraak te doen die duidelijkheid schetst over de definitie van ‘kruispunt’, en ‘het punt waar vandaan de vijf meter moet worden gemeten’.
Het is, toegegeven, een wazige tekst in de verkeerswet RVV 1990, artikel 24. Daar in staat dat de bestuurder zijn voertuig niet mag parkeren. bij een kruispunt op een afstand van minder dan vijf meter daarvan. De toelichting van het RVV 1990 vermeldt daarbij: RVV artikel 24 vervangt artikel 83 van de oude wet, RVV 1966.
“Vervangen, dat is iets heel anders dan dat de formulering al meer dan 25 jaar is afgeschaft zoals de AG zegt. Hij verzoekt uw hof niet voor niets om een uitspraak”, bepleit Ruitenbeek tijdens de zitting half maart. “Om beter te zien hoe we geacht worden die vijf-metergrens te zien, moeten we er dus het oude RVV 1966 nog even bij pakken. Artikel 83: parkeren is verboden bij kruisingen of splitsingen van wegen op een afstand van minder dan vijf meter van de rand van de rijbaan van de zijweg of van het verlengde daarvan

Rand

Hieruit volgt zonder meer dat er vanaf de rand van de rijbaan van de zijweg gemeten moet worden, en niet vanaf het einde van de afronding van de hoeken. “Mocht u nog twijfelen, dan wijs ik u graag op twee kruispunten in Alkmaar, waarvan ik foto’s heb genomen. Het gaat hier om de Herculesstraat en de Hertog Aalbrechtweg. Hier liggen de onderbroken strepen en de haaientanden in het verlengde van de rand en in het geval van de Herculesstraat zelfs zes klinkerbreedtes daarbuiten”, aldus Ruitenbeek als gemachtigde van Snel.

“In dit verband wil de heer Snel opmerken dat bij hem het ongemakkelijke gevoel is opgekomen over de beslissing van de kantonrechter in Alkmaar op 19 mei 2017. Als u wordt gevraagd om duidelijkheid over wat een kruispunt is en vanaf welk punt de vijf meter moet worden berekend, dan was het toch voor die rechter ook niet duidelijk? Dan had hij Snel toch moeten vrijspreken?”

Het hof is het daar volkomen mee eens. Deze rechter heeft zijn huiswerk wel goed gedaan en komt met een arrest van 20 mei 1997 van de Hoge Raad over het begrip kruispunt in artikel 23 van het RVV 1990: “Indien hij (de kantonrechter, red.) heeft geoordeeld dat ingeval van een kruising of splitsing van wegen de afrondingen van de hoeken steeds tot het kruisingsvlak, te weten het weggedeelte dat aan die wegen gemeenschappelijk is, moeten worden gerekend, heeft hij miskend dat die opvatting in zijn algemeenheid niet als juist kan worden aanvaard. De vraag of een weggedeelte tot het kruisingsvlak behoort dient aan de hand van de strekking van art. 23 RVV 1990 te worden beantwoord en kan verschillen al naar gelang de ligging van de desbetreffende kruising of splitsing van wegen.”

De AG geeft ruiterlijk toe dat hij nog nooit van dit arrest heeft gehoord. De kantonrechter in Alkmaar was er blijkbaar ook niet van op de hoogte, laat staat de officier en om over de parkeerwachter maar niet te spreken. Zij zullen dan ook moeten slikken als ze de uitspraak lezen. “De gestelde gedraging is niet verricht, Snel heeft geen overtreding begaan. Het hof zal de beslissing van de kantonrechter daarom vernietigen en doen wat de kantonrechter had behoren te doen, te weten – met gegrondverklaring van het beroep daartegen – de beslissing van de officier van justitie en de inleidende beschikking vernietigen.”

Snel: “Au, dat doen pijn bij de kantonrechter, de officier en ook die parkeerwachter. Maar ik wist dat ik in mijn gelijk stond.”

Meineed

Snel krijgt de 90 euro terug, plus 250 euro in de tegemoetkoming van zijn kosten (voor onder meer de drone). “Ik heb natuurlijk veel meer betaald, maar dat maakt me niet uit. Dit was een principezaak en die heb ik gewonnen.” Een van de verliezers, parkeerwachter A., is echter nog niet klaar met Snel. “Ik bekijk met mijn advocaat of ik hem aanklaag wegens meineed.”

Dat zit zo. A. legt Snel dingen in de mond. Zo zou hij, enige tijd na de eerste bekeuring, tegen de parkeerwachter hebben dat hij zijn wagen expres zo heeft neergezet ‘om de politie te pesten’. In het latere aanvullende proces-verbaal heet het plotseling dat Snel dit deed om hufterig te doen. “De woorden politie en pesten komen nergens terug.”

“Het is mijn nee, tegen zijn ja”, aldus Snel, die volhoudt nooit zulke uitlatingen te hebben gedaan. “Bovendien spreekt hij zichzelf tegen. Hij gaf me de bekeuring voor ‘met een stilstaand voertuig niet de rijbaan gebruiken’, maar schrijft dat ik de uitlatingen zou hebben gedaan in verband met ‘parkeren binnen vijf meter van de kruising’. Als we elkaar al hadden gesproken, zou het toch niet over dat laatste gaan.”

“En daarmee komen we op de valsheid in geschrifte, gedaan op ambtseed en dat is volgens mij meineed. Want A. levert bij de originele bekeuring foto’s aan, die zijn gemaakt om aan te tonen dat ik buiten het parkeervak sta. Het kruispunt en de afstand ertoe komen niet in beeld. Dus liegt hij ronduit als hij, gedekt door de officier van justitie, later zegt dat hij dit wel bedoeld had, maar slechts de verkeerde feitcode heeft ingevuld.” Overigens heeft Snel een parkeervergunning en is hij daarom tegen de eerste, ‘verkeerde’ overtreding, in bezwaar gegaan bij de officier. Met het bovenbeschreven gevolg.

“Ik wil niet dat een parkeerwachter een loopje met de waarheid neemt en er mee weg komt. Daarom denk ik er sterk over om aangifte tegen hem te doen.”

Zeg het met takken

Pasen is in aantocht. Dus zeggen we het met takken.

Failliet

Beautiful Holland BV en Holland City BV zijn failliet. Mooi zo.

Hoezo mooi?

Nou, simpel. Ik heb de boeken Beautiful Holland en Holland City geschreven. Maar de uitgeefster vertikte het om me te betalen voor de laatste titel. Ze kwam met allerlei smoesjes, betichtte me zelfs van plagiaat om onder haar verplichtingen uit te komen, en liet me diverse keren voor niets opdraven voor een zogenaamde bespreking in hotel Van der Valk aan de A4 (bij Schiphol). 

Ze beloofde – nadat ik een deurwaarder er op had gezet – tot twee keer toe haar schuld af te lossen via een betalingsregeling. Maar u raadt het al: geen cent ontvangen. Ze verhuisde een paar keer kort achter elkaar, mogelijk om haar sporen uit te wissen of van schuldeisers af te komen. Ze schermde met twee externe financiers (van wie we er eentje kennen uit een minstens zo slecht programma; hint: voetbal en kunst), maar het einde van het liedje kennen we nu. 

Over de kop. Betekent zo goed als zeker dat ik kan fluiten naar mijn geld. Ik moet het doen met leedvermaak. Alles beter dan niets.

 

Gemeente Schermer?

De gemeente Schermer is (net als Graft-De Rijp) drie jaar geleden opgeheven en opgegaan in de gemeente Alkmaar. Toch heb ik voor mijn nieuwe paspoort, dat ik deze week (2 februari 2018) heb aangevraagd, moeten onderschrijven dat ik woon in Ursem, gemeente Schermer.  

Nu weet ik waar de Schermer molens, waar ik vanuit mijn kantoor op uitkijk, voor staan. Ze staan voor de ambtelijke molens van de gemeente Alkmaar. Die er meer dan 1000 dagen voor nodig heeft om zoiets simpels als een administratieve correctie door te voeren.

Want meer is het niet, zo bleek me afgelopen vrijdag in het Alkmaarse stadskantoor, waar ik plaatsnam tegenover de gemeenteambtenaar en 65,30 euro moest aftikken voor nog geen tien minuten om de verlenging van mijn paspoort rond te breien. Op het moment dat ze me vroeg mijn persoonsgegevens te controleren, zag ik dat mijn paspoort wordt gebaseerd op incorrecte informatie: “Ik woon in het buitengebied van Ursem, dat met de rest van de gemeente Schermer in 2015 is opgeslokt door de gemeente Alkmaar. Toch staat hier, in dit door u opgemaakte stuk dat aan de basis ligt van mijn paspoort, dat ik in de gemeente Schermer woon. Die helemaal niet meer bestaat.”

“Ja, meneer Ruitenbeek, daar is niets aan te doen, Want zo staat het in de GBA.” De gemeentelijke basisadministratie, bedoelde de schat, die waarschijnlijk al zo beroepsgedeformeerd is dat ze denkt dat een gewone burger de afkorting kent.

Dus, omdat het staat in de GBA, woon ik weliswaar in de gemeente Alkmaar, maar staat er in de gegevens waarop mijn paspoort van ruim zes tientjes is gebaseerd, een knots van een fout. “Ja, meneer Ruitenbeek, zo is het. Ik zal er een aantekening van maken. Ik weet dat meer mensen hierover geklaagd hebben, ik kan er echter niets aan veranderen.”

Als de wereld vergaat, ga ik naar Alkmaar, want daar gebeurt alles altijd 50 jaar later, parafraseer ik de grote Duitse auteur Heinrich Heine. 

PS: Ook de post die ik ontvang, wordt gestuurd naar Ursem, gem S.

PostNL liegt (deel 2)

PostNL heeft maling aan klanten, schreef ik op 9 oktober op deze site. Hoezeer ik destijds (helaas) gelijk had, is nu bevestigd. Dit keer liegt de manke postduif zelfs om vandaag (zaterdag) niet te hoeven bezorgen.

Ik kocht donderdag 2 november online een cadeautje voor mijn echtgenote, voor onze 37e huwelijksdag. Omdat ik vrijdag niet thuis was (en Anette wel), en ik de verrassing niet wilde verpesten, liet ik de webwinkel de bezorging door PostNL op zaterdag zetten. Dan zou ik wel en Anette niet thuis zijn.

Ik wist van een maandje geleden en eerdere ervaringen met PostNL dat dit wel eens een probleem zou kunnen worden. Ze komen meestal niet helemaal naar het buitengebied voor een pakje op zaterdag. In oktober veranderden ze, terwijl wij tevergeefs wachtten, stiekem het bezorgmoment naar maandag (als er niemand thuis is) en zonden ons na de aangegeven bezorgtijd op zaterdag een mailtje waarin ze deze flessentrekkerij aankondigden.

Dit keer maakten ze het nog bonter. Gisteravond om 23.22 uur (wij slapen al) is er een mailtje van Post NL binnengekomen met de tekst:

We bezorgen binnenkort een pakket bij u.
Verwacht bezorgmoment: morgen 04 november 12.30 – 15.00 uur.

Ze krijgen er blijkbaar spijt van – of beseffen zich dat ze kostbare tijd en brandstof verkwisten voor een pakje in Ursem buiten de bebouwde kom. Want 50 minuten later, om 00.12 uur, is er dit mailtje:

Helaas kunnen we uw pakket vandaag niet bezorgen. Voor het bezorgadres geldt vandaag een geslotenverklaring. Hieronder ziet u wanneer we weer bij u langskomen.
Maandag 06 november 12.45- 15.15 uur.

Dus weer als we niet thuis zijn. Wat ze weten. Joh, waarom zou je je iets aantrekken van je klanten? Ergste van alles is dat ze liegen. Voor ons adres geldt helemaal geen geslotenverklaring. Wij rijden hier rond, de boeren met hun trekkers vol kool, de postbode van PostNL. Er staat ook geen verkeersbord (C1 of C2, zie onder), dat alle voertuigen, ruiters, geleiders van rij- of trekdieren en vee verbiedt hier te rijden, lopen of te parkeren. Deze leugen heeft de manke postduif al eerder gedebiteerd.

 

Bord C1 (geslotenverklaring)

Bord C2 (eenrichtingsverkeer)

Beste burgers van Nederland, het voormalige staatsbedrijf neemt u in het ootje. Wie een leuk idee heeft om ze terug te pakken, mailt me maar. Kijken wat we kunnen ondernemen.

Permalink vorige artikel: http://www.nzg-journalisten.nl/post-nl-maling-aan-klanten/

 

Rob Scholte mag blijven zitten

Den Helder verliest kort geding

Kunstenaar Rob Scholte mag in het voormalige postkantoor van Den Helder blijven zitten. De marinegemeente leed een smadelijke nederlaag bij de rechter.
De gemeente Den Helder had in kort geding gevorderd dat Rob Scholte het pand, met daarin het Rob Scholte Museum, op korte termijn moet ontruimen omdat de gemeente de beide gebruiksovereenkomsten die zij in 2008 en 2012 met hem had gesloten, per 30 juni 2017 heeft opgezegd en het pand op korte termijn wil verkopen. De voorzieningenrechter besliste dat Scholte het voormalige postkantoor aan de Middenweg in Den Helder voorlopig niet hoeft te ontruimen.
De voorzieningenrechter vond dat de gemeente een spoedeisend belang voor haar vordering heeft, omdat zij het voormalige postkantoor op korte termijn wil verkopen en het eerst nog asbestvrij wil maken. Dat wil nog niet zeggen dat de vordering ook toewijsbaar is.
Van belang is dat een eventuele ontruiming grote gevolgen heeft. Wil de rechter een vordering in kort geding toewijzen, dan moet het in hoge mate waarschijnlijk zijn dat het ook in een eventuele bodemprocedure tot een toewijzing zal komen.

Permanent

De voorzieningenrechter oordeelt vervolgens dat het niet aannemelijk is dat de gemeente Den Helder Rob Scholte heeft toegezegd dat het museum permanent in het voormalige postkantoor gevestigd mag blijven of dat het pand aan hem verkocht zal worden.
Desondanks is de vordering van de gemeente afgewezen, omdat de rechter aannemelijk vindt dat de beide overeenkomsten op basis waarvan Rob Scholte het pand gebruikt, huurovereenkomsten voor bedrijfsruimten zijn. Dit omdat Rob Scholte zich als tegenprestatie voor het gebruik van het voormalige postkantoor heeft verplicht een bepaald aantal exposities per jaar te organiseren. Deze verplichting is te beschouwen als een tegenprestatie, omdat deze moet worden gezien als een bijdrage aan het culturele klimaat en de culturele uitstraling van Den Helder.
Nader onderzoek is nodig om te beoordelen of het om ‘middenstandsbedrijfsruimte’ of ‘zogenaamde overige bedrijfsruimte’ gaat. Maar er moet serieus rekening worden gehouden met de mogelijkheid dat het om ‘middenstandsbedrijfsruimte’ gaat. In dat geval komt aan Rob Scholte huurbescherming toe zoals die ook geldt voor, bijvoorbeeld, huurders van winkels en zijn de mogelijkheden van de gemeente om de overeenkomsten op te zeggen beperkt. Voor zo’n opzegging geldt een termijn van een jaar. Die is hier niet in acht genomen. En dus wordt de vordering tot ontruiming afgewezen.

Post.nl heeft maling aan klanten

Post.nl heeft maling aan klanten, die zoals wij in het buitengebied wonen en waar op zaterdag een pakje moet worden bezorgd. Hoogst onfatsoenlijk.

De spanning werd afgelopen zaterdag ondraaglijk in huize Ruitenbeek. De dag ervoor (6 oktober), heeft mijn echtgenote een mailtje gekregen dat op 7 oktober ’s morgens het op 15 september bij Bol.com bestelde, nieuwe boek van mijn favoriete schrijver Harlan Coben wordt bezorgd.
De titel ‘Laat niet los’ is intrigerend en de aankondigingstekst veelbelovend:

Vijftien jaar geleden werden er twee tieners dood gevonden naast een verlaten treinspoor: de tweelingbroer van Nap Dumas, Leo, en de dochter van het hoofd van de politie. Velen dachten dat ze samen zelfmoord hadden gepleegd, maar er waren ook dorpsbewoners die dat weigerden te geloven.

Nap, die politieagent is geworden, doet er alles aan te achterhalen wat zich die zomer afspeelde. Dan worden de vingerafdrukken van zijn vermiste ex-vriendin bij het treinspoor gevonden en komt hij terecht in een wirwar van familiegeheimen en leugens. Geholpen door de inmiddels gepensioneerde politiechef gaat hij op zoek naar de waarheid. Een die laat zien dat samenzweringen, zowel kleine als grote, dodelijk kunnen zijn – zoals we dat van Coben gewend zijn.

We wachten geduldig op de komst van de Post.nl-bus. Het wordt 12.30, 13.30 en 14.30 uur. De bezorger laat zich niet zien. Post.nl doet niet voor de eerste keer niet wat ze belooft, maar heeft stiekempjes – zo blijkt bij check van het track- & tracenummer – het bezorgtijdstip verlegd naar maandag (vandaag), als er dus niemand thuis is.

Dit zijn uiterst klantonvriendelijke methoden. Frustrerend, want het kan niet anders dan dat men bij het voormalige staatsbedrijf denkt: “voor zo’n pakje gaan we op zaterdag toch niet helemaal naar de Rustenburgerweg in Ursem rijden? Laat ze de kl…. krijgen.” Ik zou zeggen: Van ’t zelfde.

Gouden Karper niet gastvrij

Gereserveerde tafel blijkt vergeven 

De Gouden Karper in Ursem weet niet wat gastvrijheid inhoudt. Dat bleek dit weekeinde. De op zaterdagmorgen voor zondag gereserveerde tafel, waar we bijna maandelijks dineren, is vergeven aan anderen. De bazin laat ons op boze toon weten dat zij de dienst uitmaakt.

Onze, in Amsterdam woonachtige zoon nodigt mijn echtgenote en mij vorige week uit voor een etentje bij ‘de buren’, want de Gouden Karper ligt op 500 meter van ons erf. Gedrieën, of met z’n tweeën, gaan we daar regelmatig heen. Omdat het dichtbij is, bij zonnig weer het terras een publiekstrekker is, en de prijzen aangenaam zijn.

Zaterdagochtend om iets voor tienen liep ik de zaak binnen en sprak een serveerster aan. “Ik wil graag die ronde tafel bij de bar, morgen om 18.30 uur.” “Ik kijk even in het grote boek, meneer. Ja, dat kan. Staat genoteerd. Tot morgen.” Zondagavond om 18.15 uur vertrekken we van huis, en bedenken of het vlees of vis zal worden dit keer.

Het wordt niets, helemaal niets bij de zilveren zeebaars cq de koperen paling (flauwe naamgrappen, inderdaad, maar laat ons). We stiefelen naar ‘onze tafel’ toe, zien dat er is gedekt voor vijf personen, en vermoeden al waar dit op gaat uitdraaien als het blonde meisje van de bediening iets stottert dat dit niet gaat. “Dachten we wel, gereserveerd is gereserveerd, dat zal zelfs bij jullie niet anders zijn, toch?”, zeg ik cynisch en wacht af wat er gaat gebeuren. Gade en zoonlief reageren op soortgelijke, ongelovige manier.

Het kind murmelt iets over ‘dit moet ik bespreken met mijn leidinggevende’ en rent richting haar cheffin. Die is van het soort ‘Met mij speelt niemand spelletjes’. Met een blik in de ogen alsof ze iemand de strot gaat afbijten stormt ze op onze tafel af, plant haar vuisten met de knokkels naar ons gekeerd op het tafelblad en doceert: “Gereserveerd is slechts onder voorbehoud. Ik (let op, ik, AR) geef nooit tafels weg voor vast.” Reserveren is niet reserveren, hoe komen we daar nou toch bij, wij dommerds. Dat we 32 uur van tevoren iets anders hebben begrepen, is onze fout. Vanzelfsprekend.

Ze heeft haar lesje ongastvrijheid nog niet afgemaakt: “Onze hotelgasten moeten ook eten. Zij krijgen deze  tafel. Ik heb voor u een andere tafel.” En of we haar bevelen maar willen opvolgen.

U begrijpt natuurlijk dat we geen moment hebben geaarzeld en dit enge etablissement hebben verlaten. Bij Irodion in Alkmaar, een restaurant waar we al 25 jaar te gast zijn, hebben ze een prachtige plek voor ons bij het raam. Zeer vriendelijk en warm ontvangen, heerlijk gegeten, voldaan naar huis. De gouden karper? Gooi die maar terug in het water. Niet alles wat er blinkt is goud.

 

 

Machtsmisbruik gemeente: Snel krijgt vierde kamer niet

De gemeente Alkmaar misbruikt zijn macht om Frans Snel zijn vierde peeskamer op de Achterdam te onthouden. Dat is de keiharde conclusie die zijn advocaat trekt uit twee ‘aparte’ brieven die de kamerverhuurder recentelijk kreeg. Op 7 september 2017 was het gedonder in de glazen op het stadhuis.
Op 24 juli kreeg Snel uit naam van B&W van de ‘unitmanager vergunning- en subsidieverlening’ een brief. Het college is van plan de ‘van rechtswege verleende vergunning voor de uitbreiding van de seksinrichting in het pand Achterdam 3-5 met een vierde werkkamer in te trekken’.
Reden: Snel zou, sinds de verlening van de vergunning op 17 juli 2014, geen gebruik hebben gemaakt van de verleende vergunning. De withete ondernemer: “Een enorme blunder.” Zijn advocate Vera Platteeuw legt het afgelopen week, 7 september, de twee juristen van de gemeente haarfijn uit. Nota bene: de ambtenaren die de brief hebben geschreven, cq ondertekend, blinken uit door afwezigheid.
Platteeuw: “De vierde kamer was in strijd met de algemene plaatselijke verordening, waarin het maximum van 69 kamers is opgenomen. Echter, de APV bepaalt slechts dat in het pand maar drie kamers mogen worden gebruikt en niet welke specifieke kamer. Achterdam 3-5 heeft vier kamers, en voor drie daarvan is een exploitatievergunning afgegeven. Nooit is vermeld om welke kamers het ging.”
Bewijs
“Daarom is de argumentatie in de brief van de gemeente niet valide. Ik wil het bewijs zien van de stelling dat de zogenoemde vierde kamer, voorheen een werkkast, nooit is gebruikt. Heeft de controlerend ambtenaar drie jaar 365 dagen lang gecontroleerd of dat zo is, en waar zijn dat de foto’s en rapporten?” De juristen snappen niets van het betoog, noch hebben de bewijzen.
Platteeuw maakt ze helemaal zenuwachtig met het vervolg van haar betoog: “Wij wachten op uw antwoord en de bewijzen, voordat we verder ingaan op uw plan tot intrekking van de omgevingsvergunning. Wij gaan dan ook niet zeggen of de werkkast ooit wel is gebruikt in de afgelopen drie jaar, of niet. Want indien wel, trekt u cliënts nieuwe vergunning in, omdat hij vanuit het oogpunt van exploitatie slechts driekamers mocht gebruiken. En hetzelfde doet u als hij zegt dat de kamer nooit gebruikt is, want dan geeft hij toe.”
De handelwijze van de gemeente is zo abject, dat Platteeuw naar de Nationale Ombudman zal stappen om te vragen om een onderzoek naar misbruik van macht om Snel iets te ontnemen waar hij recht op heeft. Bovendien wordt een verzoek wet openbaar bestuur (WOB) ingediend om te achterhalen hoe de procedure voor de afgifte van de exploitatievergunningen van de afgelopen maanden precies is verlopen en welke bestuurder zijn handtekening heeft gezet onder de niet onderbouwde documenten zoals de intrekking.
Weigeren
Dat burgemeester Piet B. en zijn gevolg er op uit zijn Snel de voet dwars te zetten in zijn streven een vierde kamer te openen, blijkt ten overvloede nog eens uit de brief die op 2 september op zijn deurmat ploft. Daarin de aankondiging dat Snels verzoek van 13 juni 2017 voor een exploitatievergunning voor een vierde kamer zal worden geweigerd, ‘omdat deze ruimte nog niet is beoordeeld op hygiëne en zedelijkheid’.
Platteeuw: “Het is opvallend, en dat is een eufemisme, dat op het moment dat de toestand over de intrekking van de omgevingsvergunning speelt, er nog een brief overheen komt over de weigering van de nieuwe exploitatievergunning. Ik vermoed dat de gemeente de intrekking van de omgevingsvergunning op niet valide gronden misbruikt om een valide reden te veroorzaken voor de weigering van de nieuwe exploitatievergunning.”
Net als in juli ontploft Snel en brengt hij de politieke gemeenteraadsfracties op de hoogte van de vuile streken die in het historische gebouw aan de Langestraat worden uitgedacht. Snel: “De exploitatievergunningverlening is sinds de jongste uitspraak van de Raad van State een kwestie van wie het eerst komt, het eerst maalt.”
“Als ik als eerste een vergunning indien en daardoor het maximumaantal van 69 kamers daarmee is bereikt, moet een van mijn collega-ondernemers een kamer inleveren. Dat is lullig, maar zo zijn de regels (zo is de APV) en zo moet het worden gespeeld. Over de vierde kamer heb ik vijf jaar een juridische strijd gevoerd met de gemeente, zij weten ook hoe de hazen lopen.” Het hygiëneonderzoek heeft wel degelijk plaatsgehad, nadat de werkkast was omgebouwd tot vierde kamer. Platteeuw: “Hierbij gaat het, let wel, om een exploitatievergunning en die ziet op het aantal kamers. Om te voorkomen dat de gemeente hem zo’n vergunning weigert, heeft Snel aparte aanvragen gedaan voor drie kamers, en voor een vierde kamer.”
“Uitgaande van de roulatie, dus het principe ‘wie eerst komt, het eerst maalt’, heeft Snel begin juni zijn aanvraag ingediend voor de exploitatievergunningen voor de komende drie jaar. Hij was een van de eersten, en had dus een vergunning moeten krijgen.” Snel: “Maar ik word geweigerd, omdat ik als enige tegen de burgemeester opsta.” Platteeuw: “Het lijkt erop dat volgens de gemeente hij altijd de 70e kamer zal hebben en dus geweigerd zal worden. Dat pikken we niet langer.”

 

Frans Snel

Kabouter?

Paddenstoelen begin augustus.

Zoektocht naar eerste kabouter van het jaar heeft niets opgeleverd.