Archief per maand:
Archief per jaar:

Gehandicapte slachtoffer zou rancuneus zijn

Stiefvader ontkent seksueel misbruik

Door Arno Ruitenbeek
Haarlem – Barend M. (48) uit Haarlem heeft zijn stiefdochter jarenlang seksueel misbruikt, aldus justitie. Het motorisch en verstandelijke gehandicapte meisje was een jaar of tien toen de ontucht begon. De eis luidde: 240 uur onbetaalde arbeid en een half jaar cel voorwaardelijk. M. ontkende gisteren bij de rechtbank.
Het misbruik speelde zich af in de woning van het gezin M., tussen 2005 en 2010. Als haar moeder aan het werk was of sliep, zag stiefvader zijn kans schoon. Hij nam het in 1994 geboren kind bijvoorbeeld mee naar de ouderlijke slaapkamer en dwong haar tot seksuele handelingen. Had ze zijn wensen vervuld, mocht ze als beloning computeren.
Zondag was douchedag in huize M. Hij douchte samen met het dan elfjarige meisje. Volgens haar werd ze onzedelijk betast. M. ,,Omdat ze zichzelf niet goed schoonmaakte, moest ik helpen.” Op vragen van de rechters waarom de moeder dat niet deed, antwoordde M.: ,,Die was zwanger.” Het stel heeft twee zoontjes, die zijn geboren in 2003 en 2006. Dus, rekende een rechter uit, klopt dat verhaal over de zwangere moeder in tijd niet.
De moeder bezwoer dat haar man en haar dochter nooit alleen waren in de douche: ,,Ik stond altijd in de deuropening te kijken. Het lijkt er mijn dochters lezing op alsof ik nooit thuis was, maar laat ik u dit zeggen: ze loog wel vaker. Er is niets gebeurd.”
Dat zei M. ook op de zitting. De nu zeventienjarige zou uit rancune hebben gehandeld. In 2010, een maand nadat ze uit de woning van haar stiefvader en moeder was weggegaan om bij haar biologische vader te gaan wonen, wilde ze volgens de verdachte al een omgangsregeling met hen.  ,,Die hebben we afgewezen.”
WraakUit wraak zou het meisje het misbruik hebben bedacht. Dat werd een rechter te gortig: ,,Ze heeft een IQ van 59. Het is voor iemand als haar moeilijk zo’n verhaal bij elkaar te verzinnen. Bovendien is ze consequent in haar verklaringen. Wat ze tegen de maatschappelijk werkster heeft gezegd, is gelijk aan wat ze in het studioverhoor tegen de zedenrechercheur zei.”

 De uitspraak is op 7 februari.