Gynaecoloog bij hof over dood baby

Het WFG, waar in 2009 een baby de dood vond.

Het WFG, waar in 2009 een baby de dood vond.

Door Arno Ruitenbeek

Gynaecoloog Maarten B. (49) uit Hoorn was volgens de rechtbank schuldig aan de dood van baby Biendiya Ramgoelam. Maandag 27 januari dient het hoger beroep bij het Amsterdamse gerechtshof.

De baby overlijdt in mei 2009 in het Westfries Gasthuis (WFG) in Hoorn, nadat er bij de bevalling medische fouten zijn gemaakt. De baby loopt daardoor een hersenbeschadiging op en overleed twee dagen later. Het getroffen echtpaar Rangoelam uit Hoorn doet aangifte tegen de arts. Ruim drie jaar later en vooral doordat het Noordhollands Dagblad veel aandacht aan de zaak heeft besteed, staat Maarten B. eindelijk terecht in Alkmaar. Hij werkt destijds al geruime tijd niet meer voor het WFG.

De officier van justitie eist een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van een maand, met een proeftijd van twee jaar en de bijzondere voorwaarde dat verdachte €5000 schenkt aan de stichting Make a Memory. Daarnaast vordert de aanklager dat de rechtbank de ontzetting van verdachte van de uitoefening van zijn beroep zal uitspreken voor de duur van een jaar, in voorwaardelijke vorm, met een proeftijd van twee jaren.  De raadsman pleit voor vrijspraak. Zo niet dan schuldigverklaring zonder oplegging van straf.

Nalatig

De rechtbank blijft grotendeels in het spoor van de officier. De zwaarste aanklacht van dood door schuld wordt wettig en overtuigend bewezen geacht. “De verdachte is bij de bevalling van mevrouw Ramgoelam aanmerkelijk nalatig is geweest”, aldus het vonnis. “Hij heeft onvoldoende gecommuniceerd met zowel mevrouw Ramgoelam, haar echtgenoot en met de verloskundige en het verplegend personeel. B. hield ook te star vast aan het eigen behandelbeleid en eenmaal thuis, nam hij genoegen nemen met verre van actuele informatie.”

Bij dat laatste betrof het problemen bij de bevalling, terwijl mevrouw Ramgoelam is aangemerkt als een patiënte met een hoog risico bij wie een eerdere bevalling in een spoedkeizersnede was geëindigd. Het rechtscollege: “Samen een keten van omstandigheden die er uiteindelijk toe heeft geleid dat B. de keizersnede veel te laat heeft uitgevoerd, met noodlottige gevolgen. De rechtbank is daarom van oordeel dat het aan de schuld van verdachte te wijten is dat baby Biendiya is overleden en dat mevrouw Ramgoelam zwaar lichamelijk letsel in de vorm van een uterusruptuur heeft opgelopen.”

Van  het tweede feit wordt Maarten B. vrijgesproken. Hij zou mevrouw Ramgoelam en haar (ongeboren) baby Biendiya opzettelijk in hulpeloze toestand hebben gebracht en gelaten, met bovengenoemde gevolgen. “Dit verwijt ziet, naar de rechtbank begrijpt, op het gegeven dat verdachte op 5 mei 2009 rond 17.00 uur naar huis is gegaan, terwijl de natuurlijke baring van mevrouw R. niet of onvoldoende vorderde en zonder duidelijke instructies voor of afspraken met het verpleegkundig en verloskundig personeel. “

Vrijspraak

“Uit wat met betrekking tot de dood door schuld is overwogen blijkt dat er naar het oordeel van de rechtbank in de loop van 5 mei 2009 verdachte veel dingen niet goed heeft gedaan in de medische behandeling en begeleiding van mevrouw Ramgoelam. De rechtbank is evenwel van oordeel dat niet bewezen kan worden dat hij het opzet heeft gehad, ook niet in voorwaardelijke vorm, om zijn patiënte in hulpeloze toestand ten brengen of te laten.”

“Het overlijden van B. heeft de ouders onnoemelijk veel verdriet gedaan”, constateren de rechters. “Anderzijds heeft de rechtbank bij het bepalen van de op te leggen straf mee laten wegen dat deze zaak en daarmee de persoon van verdachte veel negatieve aandacht heeft gekregen in de media. Verder heeft verdachte zich al voor zijn handelen moeten verantwoorden voor de tuchtrechter en is hem door die rechter een sanctie in de vorm van een berisping opgelegd. De nasleep van een en ander heeft ook diep ingegrepen in het leven van verdachte, die op dit moment geen werk heeft. In het voordeel van verdachte weegt voorts mee dat hij is niet eerder met de strafrechter in aanraking geweest.”

Spong

Maarten B. krijgt een maand voorwaardelijk, en moet  €1000 storten op de rekening van Make a Memory in Westerhoven. Daarnaast wordt de medicus voor een jaar voorwaardelijk uit zijn beroep gezet, met een proeftijd van twee jaar. Overmorgen mag hij met zijn advocaat, de bekende Amsterdamse strafpleiter Gerard Spong, in hoger proberen van die straffen af te komen.

Het Medisch Tuchtcollege berispt B. voor zijn ernstige tekortkomingen, maar legt ‘geen zware straf op, omdat de zaak al veel in de publiciteit is geweest’. De verloskundige die tijdens dit incident dienst heeft, krijgt een waarschuwing. “Zij had haar bezwaar tegen de behandeling moeten doorzetten. B. wees haar echter terecht en daardoor talmde de vrouw te lang.” Het was de publiciteit die de zaak echt aan het rollen heeft gebracht, stelt het tuchtcollege. “Want de afdeling van het ziekenhuis hield dit incident wel degelijk uit het zicht van de eigen directie. Die kreeg dit pas in de gaten toen justitie en de inspectie aan de bel trokken.”