Archief per maand:
Archief per jaar:

Hoofddorper: ‘Ik schaam me diep’

Voorwaardelijk geëist voor jarenlange verspreiding kinderporno

Door Arno Ruitenbeek
Haarlem – Johan K. (36) ut Hoofddorp schaamt zich diep voor jarenlange verspreiding van veel kinderpornografie. De officier van justitie wil hem het voordeel van de twijfel geven. Ze eist een voorwaardelijke celstraf van vier maanden.
Tussen februari 2007 en april 2010 heeft K. 2398 verboden foto’s en elf films bezit gehad en rondgestuurd naar gelijkgestemden. Op de beelden, vastgelegd op usb-stick, computer en dvd’s, hebben minderjarigen seks met elkaar en met volwassenen. De kinderen poseren ook naakt, waarbij de camera gericht is op de geslachtsdelen. Het betreft jongens, soms niet ouder dan dertien jaar. ,,Ik val op mannen”, legt de Hoofddorper gisteren uit aan de rechtbank, ,,en heb me laten meeslepen in dit machogedrag.”
Chats
Met name enkele chatgesprekken, waarin hij expliciete sekswensen en ‘vieze plaatjes’ uitwisselt met zijn computervrienden, noemt de professionele discjockey nu afgrijselijk triest. ,,Het liefst gooide ik die herinneringen weg.” Hij is er definitief van genezen, na wat reclasseringssessies: ,,Ik weet dat mijn gedrag van destijds voortkomt uit een onverwerkt jeugdtrauma. Mijn vader was er niet of nauwelijks voor mij. De frustraties daarover heb ik geuit op een onvoorstelbaar foute manier. Ik moet er niet aan denken dat er zulke foto’s van mijn neefje circuleren.”
Vanwege dit zelfinzicht vindt de verdachte de door de hulpverlening voorgestelde psychotherapie overbodig. De aanklager aarzelt wel: ,,Wat als uw relatie met uw vriend uitraakt en u terugvalt?” Maar alles overwegende, besluit de officier K. te volgen: ,,Want het lijkt me niet verstandig om zo’n dure behandeling op te leggen aan iemand die niet wil. Bovendien betreft het oude feiten.” Bij een controle van K.’s apparatuur in 2012 is geen kinderporno meer aangetroffen. De proeftijd bij de geëiste voorwaardelijke straf zou twee jaar moeten zijn, niet hoog voor een zedenzaak.
De uitspraak is op 24 september.