Intens gevoel bij ‘De zwarte doos’

Connelly de allergrootste

Michael Connelly: De zwarte doos

De Boekerij

€ 19,95, e-book € 12,99

‘Hij dacht dat alles om getallen en statistieken draaide. Hij had geen flauw benul wat ze hier werkelijk deden. Hij wist totaal niet waar hun werk om ging.’ Wat Harry Bosch over zijn chef denkt, onderstreept de immense kracht van deze 25e Connelly: intens gevoel.

Compassie, medeleven, invoelingsvermogen. Daar draait het altijd om bij de soms knorrige, altijd eigenwijze Bosch. Hij doet zijn werk alleen op die manier dat de doden respect wordt getoond en de nabestaanden krijgen waarnaar ze zoeken: een antwoord op de vraag wie hun geliefde(n) vermoordde en waarom. Bij Connelly’s anti-held is recht altijd recht, nooit krom. Daarvoor zet hij zijn baan en desnoods zijn eigen leven op het spel.

Zo ook in ‘De zwarte doos’. Tijdens de rellen in 1992 in de kwestie Rodney King wordt het lijk van een Deense fotografe gevonden in een straat in Los Angeles. Twintig jaar later krijgt Bosch, rechercheur van de afdeling onopgeloste zaken, de zaak in handen. Ondanks de grote tegenwerking van zijn starre superieur – die Bosch zelfs een intern onderzoek aan de broek smeert – vindt hij de daders. Dat blijken geen oproerkraaiers te zijn geweest. Integendeel.

Het is mooi hoe Harry de zwakste schakel onder de verdachten uitzoekt en aan het praten krijgt. Maar daar houdt het voor Connelly nooit op. Bosch’ nogal ingewikkelde persoonlijke leven, met zijn puberdochter in het middelpunt, krijgt de volle aandacht. Passages die niet minder indrukwekkend zijn dan die over de speurder in zijn natuurlijke omgeving. Nummer 25 bewijst maar weer eens dat de Amerikaanse auteur de allergrootste in zijn vak is.

ARNO RUITENBEEK