Jonge bijna-overvallers niet meer vervolgd

Een veertien- en een zestienjarige jongen zijn vanmiddag ontslagen van alle rechtsvervolging voor voorbereidingshandelingen voor een overval op sigarenmagazijn Delftwijk Sam in Haarlem op 10 februari.

De Haarlemse rechtbank gaat op basis van de diverse verklaringen ervan uit dat de beide verdachten de winkel zijn ingegaan, met het plan Sisha-pennen te stelen en later door te verkopen. Ze hadden een nep-vuurwapen en een ploertendoder bij zich om de winkelier, indien nodig, te kunnen bedreigen.

Kort na binnenkomst in de winkel besloten ze echter weer weg te gaan, omdat ze het toch geen goed plan vonden. Zij waren dus wel begonnen met de uitvoering van het plan, maar zijn vrijwillig daarvan teruggekomen. Vanwege deze vrijwillige terugtred is het geen strafbaar feit en kunnen de verdachten dus ook niet voor een poging tot overval veroordeeld worden.

De officier van justitie heeft in deze zaak de beide verdachten zowel de poging tot overval als de voorbereidingshandelingen daarvoor ten laste gelegd. Volgens de rechtbank is het echter niet mogelijk beide bewezen te verklaren. Nu de poging bewezen is verklaard, maar uiteindelijk geen strafbaar feit oplevert vanwege de vrijwillig terugtred, komt de rechtbank niet meer toe aan een beoordeling van de voorbereidingshandelingen. Hierdoor kan de sigarenboer fluiten naar zijn schadevergoeding.

Rammelend

De dagvaarding van de jongste verdachte rammelde. Er stond niet op wat hem met betrekking tot de ploertendoder precies werd verweten. Dus ging daar een streep door. De zestienjarige werd voor het bezit van het nepvuurwapen wel veroordeeld. Omdat de bedreigde niet kan zien of het pistool dan wel de revolver echt is. Hij kreeg 30 uren werkstraf.