Archief per maand:
Archief per jaar:

Na zestien maanden soebatten vrijspraak van doorrijden na ongeval

Zeven maanden geëist tegen moderne Robin Hood

Door Arno Ruitenbeek
Haarlem – ,,Eindelijk gerechtigheid. Dank u, officier en rechter.” Met een 100-procentsvrijspraak sloot Heemstedenaar Bertus B. (51) gisteren na zestien maanden zijn dossier ‘doorrijden na ongeval’ af.
Op 19 februari 2011 werd de auto van een buurtgenoot van B. aangereden. De personenauto stond geparkeerd in B.’s straat, de Maaslaan in Heemstede. Volgens de gedupeerde kreeg hij ’s middags een paar kinderen aan de deur, die hadden gezien dat de schade was veroorzaakt door een grote, witte bus die was doorgereden. Een bewoonster van de Maaslaan had een klap gehoord en een kleine, witte vrachtauto gezien.
Vaag


Zeer vage getuigenissen. Merk, type of kenteken van het witte gevaarte waren onbekend. Tegen middernacht stond de politie echter toch bij de vermoedelijke dader, B. aan de deur. Bij de politierechter zei hij over dat bezoekje: ,,Ik was verbijsterd. Ze namen me mee naar mijn bus, wezen op een paar krassen op het kastje aan de zijkant van de automatische laaddeur en noemden dat bewijs.”
Volgens de verdachte was dat totale onzin: ,,Ik rijd nooit door de Maaslaan, die is smal en aan beide zijden staan auto’s geparkeerd.” Hij begon een verbeten gevecht tegen justitie, eindigend met het besluit van het Amsterdamse gerechtshof dat B. mocht worden vervolgd. ,,Omdat er roestplekken op de bus zouden zitten, die duidden op verse beschadigingen.”
B. legde het in Haarlem nog een keer uit: ,,Mijn bus, recentelijk verkocht, was van aluminium. Dat roest niet. Ik ben zelf informatie gaan vergaren en wat blijkt: die kinderen hebben alleen iets gehoord, niets gezien. Net als die andere getuige. De gedupeerde is op zoek gegaan naar een witte bus en kwam uit bij de mijne. Daarom kon hij bij de politie zeggen dat het om een Renault ging. Want het merk van de doorrijder was, nogmaals, onbekend.”
Twijfel

De officier van justitie twijfelde, na dit relaas, zo sterk aan B.’s schuld dat ze vrijspraak vroeg. De rechter was het daar helemaal mee eens: ,,Ook al omdat de schade van de aangever en die aan de bus niet met elkaar rijmen.”