Oplichter Theo K. (65) wacht toch cel

Vos verliest wel haren, niet streken

In hoger beroep cel- en taakstraf geëist

Door Arno Ruitenbeek

Amsterdam – Voor oplichter Theo K. dreigt toch het gevang. In hoger beroep eiste de advocaat-generaal vandaag een jaar cel, waarvan de helft voorwaardelijk tegen de inmiddels 65-jarige West-Fries.

Daarnaast zou hij 240 uur onbetaalde arbeid moeten verrichten. De AG achtte alle vijf aanklachten bewezen. Zoals de Alkmaarse rechtbank in juni 2011 ook al deed en daarom K. veroordeelde tot zestien maanden cel, waarvan zes maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar.

Dat de eis bij het Amsterdamse gerechtshof toch flink lager uitvalt, heeft volgens de AG te maken met de leeftijd van de heftig tegenstribbelende verdachte. Daarnaast moest er strafvermindering volgen, omdat het zo lang heeft geduurd voordat het appel diende. Waarmee K. opnieuw mazzelt. In Alkmaar werd twee jaar geëist, maar verlaagde de rechtbank dat omdat het zo lang had geduurd voordat het proces begon.

Je kunt veel van de oplichter zeggen. Maar niet dat K. afwijkt van zijn standpunt dat hij niets heeft gedaan. De vos verliest wel zijn haren, niet zijn streken. Dat bleek vandaag maar weer eens bij het hof. Tot grote irritatie van de raadsheren beantwoordde K. geen enkele vraag direct of kort. Bovendien greep hij te pas en ten onpas in zijn aktekoffer onder de tafel, om daaruit weer een map te halen, daarin te bladeren en intussen het hof negerend.

Kortweg kwamen de gehakkelde verweren van K. er op neer dat hij ‘het niet had gedaan’, en als hij ‘het had gedaan, had hij dat niet opzet gedaan’.  Zijn handtekening was ’t niet onder de stukken, hij kon zich malversaties niet meer herinneren – ‘want 1998, of 2001, dus zo lang geleden’. Om even later vol vuur te beweren dat hij zeker wist dat hij destijds correct had gehandeld.

De Wervershover had een kerstboom aan inmiddels failliete ondernemingen, waarvan ‘De Hoek’ wel de bekendste was. Onder die naam deed hij in verzekeringen, boekhouding, bancaire diensten, reisbureau en makelaardij. Dat was de ‘nette kant’. De Alkmaarse rechters eerder en met hen de AG nu stelden vast dat K. ook een andere kant had.

De boekhouder maakte valse salarisspecificaties, werkgeversverklaringen en inkomstenverklaringen op, die kennelijk bedoeld waren voor hypotheekaanvragen. Hij heeft als bankier zaken gedaan zonder dat hij daartoe bevoegd was en hij heeft niet voldaan aan vorderingen van de Autoriteit Financiële Markten (AFM) om informatie te verstrekken over het bedrijf waarin hij de zeggenschap had.

Maar vooral blonk hij er in uit om klanten en familieleden geld uit de zak te kloppen, . Als ze bij hem belegden, of een van zijn bedrijven geld leenden, kregen ze veel meer rente dan bij de bank. ,,Dat hij daarvoor een vergunning nodig had, wist ik niet”, zei hij tegen het hof. En geloofde het zelf?

De ene na de andere goedgelovige cliënt of oomzegger zag de laatste vijftien jaar zijn spaarcenten als sneeuw voor de zon verdwijnen. K. vergokte de honderdduizenden euro’s, werd er gezegd. Hij ontkende alles. Feit is dat alles weg is. Als hij de hete adem van zijn schuldeisers, politie, justitie en deurwaarders in zijn nek voelde, verkaste hij zijn malicieuze activiteiten naar Purmerend, Zaandam en naar verluidt opereert hij nu vanuit Hoorn. Vernietigende vonnissen van burger- en faillissementsrechters legde hij naast zich neer.