TREKHAAKTREURNIS

HOE EEN KROM DING LEIDDE TOT KROMME DINGEN

Sleurhutten, bakkies, fietsenrekken. Ik moet er niets van hebben. Vakantie vier je in Zuid-Europa, in een hotel of appartement op loopafstand van zee en café. Je komt er met een Mitsubishi Outlander of, als het moet, een soortgelijke, comfortabele en grote wagen.

Zonder trekhaak, in ons gezin ook wel bekend als benenbreker. Lopen over de stoep (richting winkel, bijvoorbeeld) dient uitsluitend dicht langs de voortuinhagen en -hekjes te geschieden. Omdat menigeen met zo’n krom ding onder de achterbumper van zijn Skeniek of Dacia ook achterwaarts inparkeert. Blijkbaar is ‘t belangrijk dat de straat trekhaakvrij is en rollen materieel deukvrij verder kan. Dat voetgangers akelige vleeswonden en botbreuken oplopen door een uitstekend hulpmiddel, maakt niet uit.

Recentelijk kwamen er nog een oorzaak en reden bij die mijn haat tegen trekhaken (en waar ze voor worden gebruikt) aanwakkerden. Het begon op 27 juni met een beschikking van 101 euro, nee 94 plus 7 euro administratiekosten. Hé, koddebeiers kunnen schrijven. Jôh.

Maar niet lezen, of goed uit hun doppen kijken, zo zal snel genoeg duidelijk worden. Volgens de snelheidscamera en de fotorolletjes-bekijkagent was de cabrio van mijn geliefde op 5 juni om 17.05 uur met een snelheid van 117 km/u, gecorrigeerd 113 langs geflitst op rijksweg A10, hectometerpaaltje 6.2 links in Amsterdam. Kan niet, concluderen we. We hadden allemaal (ook zoon) alibi’s van hier tot gunder. Mooi, even bellen naar 0900-8844, zoals achterop de acceptgiro staat, vragen naar politie Amsterdam-Amstelland, foto opvragen en als laatste het beste lachen.

Had u gedacht. “Menierrr, dat ken niet meer per telleffoon, hoooor. U moet naar de polisiesaait.”  Klik. Commissaris, wat dacht u van de volgende wervingscampagne? ‘Klantvriendelijk personeel gezocht/Nederlands sprekend’. Enfin, ik had me al voorbereid op een moddergevecht met onwillige ambtenaren – ik verwijs naar ‘Tot zover de ambtsedige verklaring’. Naar de site, hele riedel ingevuld, foto opgevraagd, registratienummer gekregen.

Wie schetst mijn verbazing als ik op 2 juli een brief krijg van de politie Limburg, die mij verzoekt het Landelijke Politie Nummer (gossie, zijn dat eigen- of aardrijkskundige namen? Woont u in Nummer? Welke provincie dan? Commissaris, aangepast selectiecriterium luidt: moet Nederlands in woord en geschrift beheersen) 0900-8844 te bellen en te vragen met de politie Amsterdam-Amstelland te worden door verbonden (Gedachtestreepje? Ik was er met mijn gedachten niet bij, commissaris.)

Mijn rug op. Ik krijg er zin in om het korps flink wakker te schudden alvorens de pen in gif te dopen.

Met enkele kunstgrepen achterhaal ik het telefoonnummer van de afdeling verkeer van de hoofdstedelijke Hermandad. Diender nummer een schrikt zo van mijn vragen, dat hij de verbinding verbreekt.

Zalig, ik raak in mijn element.

Nummer twee is een weinig begripvolle vrouw met de vreselijke Mokumse, lees Noord-Hollandse gewoonte om niet te luisteren wat je zegt en niet te lezen wat je schrijft. Na drie keer, in de simpelste bewoordingen, uitgelegd te hebben dat en waarom ik de foto van de vermeende overtreding opeis, geeft ze het op. “Een momentje, alsjeblieft, ik kijk het voor u na.”

Vier minuten later is ze terug. Toon is veranderd van bits in poeslief. “Ik heb goed nieuws voor u, meneer. Het was niet de auto van uw vrouw met het kenteken ..-TB-.., maar eentje met een kenteken ..-TR-.. Mijn collega heeft het niet goed kunnen zien. Er zat een trekhaak voor.”

Een cabrio met een trekhaak, welke oen verzint het?

Wat poeslief gans vergeten is, excuus aan te bieden, doet nog weer dagen later een collega van haar wel in een vierregelig briefje dat meldt dat de bekeuring is vernietigd.

’t Kost een paar uurtjes, maar de pret is onbetaalbaar.

Trekhaaktreurnis, ik hoop dat het u wordt bespaard. (Net zo gemakkelijk, zie eerste alinea).

ARNO RUITENBEEK