Archief per maand:
Archief per jaar:

Twee overvallers woning Hoofddorp houden bij hof vol: ‘Er was derde dader’

Poging om straf van zes jaar en negen maanden flink omlaag te krijgen

Door Arno Ruitenbeek

Amsterdam – Twee overvallers van een Hoofddorpse woning willen in hoger beroep een veel lagere straf krijgen, met de theorie van een derde dader.  De eis luidt 6,5 jaar elk.

Dat is welgeteld drie maanden gevangenisstraf minder dan de Haarlemse rechtbank in september van het vorig jaar heeft opgelegd. Niet omdat de advocaat-generaal Homar A. (29) uit Nieuwegein en Otman B. (27) uit Amsterdam gelooft dat zij op 18 mei 2012 gedrieën het huis aan de Hanstholm in Hoofddorp zijn binnengedrongen. De AG heeft haar eis gestoeld op de landelijke richtlijnen voor dit soort ernstige geweldsmisdrijven en het strafblad van beide verdachten. Daardoor komt ze gisteren iets lager uit dan de rechters gepast hebben gevonden.

Die zijn in hun vonnis overduidelijk: A. en B. zijn samen in B.’s auto naar Hoofddorp gereden. Ze doen zich voor als glazenwassers op zoek naar nieuwe klanten. Waar niet worden opengedaan op bellen of kloppen, is niemand thuis. Als er dan ook nog een raam openstaat, kunnen ze naar binnen om te pikken wat van hun gading is. Al na de derde poging denken ze geluk te hebben.

Vastgebonden

Maar terwijl A. beneden de boel doorzoekt, komt B. in de slaapkamer op de eerste verdieping oog in oog te staan met de man des huizes die onder douche vandaan komt. De bewoner wordt onder bedreiging van een schroevendraaier op bed gekwakt en vastgebonden. Als ook nog de, door een buurman getipte politie voor de voordeur staat, smeren de insluipers ‘m met als buit een paar mobieltjes, sieraden, horloges en geld.

A. wil over een hekje springen, valt en raakt even bewusteloos. Weer bij kennis, vlucht hij een huis in de wijk in en verstopt zich op zolder. Daar wordt hij gevonden en gearresteerd. Net als B., die via de nabijgelegen sloot wil ontkomen maar wordt opgewacht door agenten. Vooral A. en zijn advocaat betogen bij het Amsterdamse gerechtshof een- en andermaal dat er sprake is geweest van een derde man. ,,Ik ben niet op boven geweest.” Signalement van nummer drie: Noord-Afrikaans, sportief gekleed. A: ,,Zoals ik. “

Het zou een vriend zijn geweest van B., die dat weer ontkent. A: ,,Hij durft geen namen te noemen, want anders wordt hij ook vermoord, zoals veel Marokkanen de laatste tijd in Amsterdam.” De aangever heeft slechts twee mensen gezien, zijn dochter die zich verstopt onder een tafel vier schoenen en ook de politie heeft niet meer dan twee personen in de kijker gehad.

De uitspraak is op 10 juli.